60 jaar Wesselerbrink: „Het brinkgevoel zijn we kwijt.”
Gerben de Jong bij stadsboerderij de Wesseler, die de Wesselerbrink haar naam heeft gegeven. © Cees Elzenga

De zuidwijken bestaan bijna zestig jaar. Wat ooit dé toekomst moest zijn voor jonge gezinnen, mondde uit in wijken met wisselende reputaties. Is dat terecht? Of is het zoals zo vaak: de buitenwereld ziet vooral de ellende, de bewoners juist de zegeningen. “Vijf studenten van de school van Journalistiek Windesheim in Zwolle dompelen zich onder in de grootste wijk: de Wesselerbrink.”

60 jaar Wesselerbrink: „Het brinkgevoel zijn we kwijt.”

Bijna zestig jaar geleden begon de bouw van de Wesselerbrink, onderdeel van het grootschalige zuidwijkenproject in Enschede. Wat begon als een oplossing voor woningnood, groeide uit tot de grootste wijk van de stad, bestaande uit de buurten Het Lang, Het Bijvank, Het Oosterveld en De Posten. Gerben de Jong en Arie Westerhuis, bewoners van de wijk sinds de vroege jaren ’70 en ’80, delen ervaringen over hun geliefde wijk. „In de jaren ‘60 waren er geen andere nationaliteiten. Eerst waren er alleen maar Nederlanders en een aantal mensen uit Indonesië”, vertelt Westerhuis. 

Net zoals vandaag de dag kende Nederland eind jaren ‘60 van de vorige eeuw een enorme woningnood. In Enschede is daarom besloten om de zuidwijken te bouwen, nu bekend onder de namen Helmerhoek, Wesselerbrink en Stroinkslanden. Het was een groot modern project dat moest zorgen voor meer woongelegenheid voor de Enschedese bevolking. In 1966 vestigden de eerste bewoners zich in de Wesselerbrink. „Toen was er nog geen riool. Alles ging door het raam naar buiten”, legt Westerhuis uit. Hij woont zelf sinds begin jaren ’80 in de Wesselerbrink, maar al lang daarvoor hield hij zich bezig met de wijk.

Wijkgenoot De Jong woont al langer in de wijk. In 1969 trouwde hij en nog een jaar lang woonde hij in bij zijn schoonouders. De woningnood was destijds ook groot, dus De Jong had geluk met een vrijkomende woning op de Wesselerbrink. Hij was de tweede bewoner van het huis waar hij toen terechtkwam, dit was een van de hobbywoningen. Kenmerkend door haar 3 verdiepingen, waarvan de eerste is ingericht als garage. De Wesselerbrink typeert zich bovendien door de brinken. Dit zijn pleintjes waar vaak speelgelegenheden voor kinderen te vinden zijn. De Jong vertelt dat er destijds nog niet eerder op die manier gebouwd werd. „Het was een heel modern project. Vroeger bouwden ze met straten, die brinken waren een heel nieuw ontwerp.”

Vermindering sociale controle

De karakteristieke hobbywoningen zijn in de buurt het Bijvank-Noord volledig gesloopt. De jaren ’70-woningen hebben plaatsgemaakt voor nieuwbouwwoningen. Dit was een onderdeel van de herstructurering die vanaf 2013 plaatsvond. Het zorgde voor ingrijpende veranderingen in de sociale omgang voor de bewoners.

„Nu hebben we geen zicht meer op de straatkant; het is meer gericht op de wadi,” vertelt De Jong, verwijzend naar het laaggelegen gebied tussen de woningen dat regenwater tijdelijk opvangt. “Voor de herstructurering was er een brink met woningen eromheen, waar mensen allemaal op uitkeken. Ze zagen direct wat er gebeurde, zoals wanneer er bijvoorbeeld een kind in de zandbak viel. Zo’n plein zorgde voor meer sociale controle”, vertelt De Jong.

Het loslaten van de oude omgangsvormen op de oude brink blijft moeilijk voor De Jong en Westerhuis. „We koesteren nog steeds het gevoel van onze oude buurt en dat moeten we eigenlijk loslaten, want we hebben nu een nieuwe buurt. Maar het brinkgevoel zijn we kwijt”, aldus De Jong.

Wil je meer horen over dit achtergrondverhaal? 

Beluister dan ook: "AUDIO: De samenleving is veranderd 
en dat merk je in de wijk".

De Speklappenbuurt

De wijk was in haar beginjaren eigenlijk te duur voor de ‘gewone’ Enschedeër, vertelt Westerhuis. „Er werd gezegd dat er alleen een speklap door de brievenbus kon, ander vlees konden de inwoners niet betalen door de hoge huur. In het begin stond de Wesselerbrink daarom bekend als de speklappenbuurt.” Dat dit gezegde tegenwoordig niet meer zo snel gebruikt zou worden is niet zo gek, de speklap is vandaag de dag niet meer zo goedkoop als in de jaren ’60.

Ondanks de hoge huren kwamen er veel ambtenaren en militairen van vliegbasis Twente te wonen. Zij hadden vaak meer te besteden en konden de relatief dure woningen van de Wesselerbrink dus betalen.

Door de komst van grote aantallen Italiaanse en Spaanse arbeidsmigranten, veranderde de bevolkingssamenstelling van de wijk in de daaropvolgende jaren. In de jaren ’80 vestigden ook Marokkaanse en Turkse immigranten zich in de wijk. Westerhuis is dat destijds ook opgevallen „Dat waren hele andere culturen dan de Nederlandse cultuur, en dat merkte je.” Die nieuwe culturen brachten namelijk een diversiteit met zich mee die nog steeds te zien is in de wijk.

 De donderdagmarkt is voor De Jong een van de plekken waar je de verschillende culturen duidelijk ziet in de wijk. „Daar voelt het soms net alsof je in het buitenland bent. Je hoort allerlei verschillende talen door elkaar.” Westerhuis voegt daar nog aan toe: „Als je hier de wijk binnenrijdt zie je bijna alleen maar mensen met een niet-westerse achtergrond. Zij leven veel meer op de straat.”

Het smeerputje van Enschede

Vaak wordt er gesproken over het negatieve imago van de zuidwijken. Hier kan De Jong zich niet in vinden. „Dat is echt een stigma. De mensen die dat zeggen informeren zich niet.” De Wesselerbrink is gemaakt tot het smeerputje van Enschede, vertelt Westerhuis. „Er zijn veel opvangen hier die andere wijken niet hebben. Soms hebben we het idee dat ze denken: alles kan wel naar de Wesselerbrink.” De zuidwijken hebben organisaties zoals het Leger des Heils, Geestelijke gezondheidszorg Mediant en een opvang voor mensen met psychosociale problemen in de Broekheurnerborch. De Jong vertelt: „Door die opvangcentra kan het voorkomen dat je soms verwarde mensen op straat ziet.”

 De Wesselerbrink, de wijk die in de jaren ‘60 werd gebouwd als antwoord op de woningnood, is een afspiegeling geworden van de veranderingen in de samenleving. Op de vraag wat de wijk bijzonder maakt, blijft een duidelijk antwoord uit. Voor beide bewoners is het simpel: „Je woont, je werkt en je leeft hier”, zegt De Jong, „dat is het.”

 

Arie Westerhuis en Gerben de Jong zijn al flink wat jaren thuis in
de Wesselerbrink, maar dat betekent nog niet dat wat zij daar zien 
en ervaren opgaat voor heel Nederland. Stadssocioloog Wenda Doff 
heeft wel een idee waarom de sfeer in wijken zoals de Wesselerbrink 
verandert. "Mensen hebben de neiging zich wat af te zonderen als hun 
buurt sterk verandert," legt Doff uit. En dat gebeurt blijkbaar ook 
in de Wesselerbrink. Arie beaamt dat: "Je ziet steeds minder vaak 
dat buurtbewoners een praatje slaan. Het is zelfs zo dat je soms 
niet eens weet wie er naast je woont."
Volgens Doff hoeven we hier niet van op te kijken. “Nieuwkomers in 
de wijk, allemaal met hun eigen gewoontes en manieren, dat kan 
zorgen voor een gevoel van onwennigheid bij de oorspronkelijke 
bewoners.” Maar belangrijk, zegt ze, is om ondanks die veranderingen 
de wijk als één geheel te zien. Initiatieven zoals taallessen en 
buurtfeesten, die ook georganiseerd worden in de Wesselerbrink, 
helpen om iedereen bij elkaar te brengen.