De droomfabriek: “Ik wilde onderwijzeres worden, maar werd afgewezen.”

Mieke Wolkotte-Hoff (83) droomde er als kind van om voor de klas te staan. Ze werd afgewezen, maar er was geen tijd om te stil te staan. Ze gooide het roer om en besloot verder te gaan met haar leven.

Hoe zag uw gezin eruit vroeger? 

Ik woonde samen met mijn vader, moeder, drie zussen en één broertje in Uithuizen in Groningen. Het was gelukkig altijd gezellig bij ons thuis. We hadden nooit ruzie met elkaar en dat was heel fijn.  

Was er voor jullie als kind ruimte om groot te dromen?  

Bij ons thuis was er ruimte om na te denken over onze toekomst. We mochten dan ook worden wat we wilden. Hoewel we het niet heel breed hadden, gaven mijn ouders me wel de ruimte om over de toekomst na te denken. Mijn vader had een boekhandel en hij had ook kranten in de winkel. Ik moest samen met mijn zussen en mijn broertje iedere dag na school kranten bezorgen. Ik had geen fiets, maar met het geld dat ik verdiende met de kranten kocht ik al snel voor vijvenzeventig gulden een fietsje. Eigenlijk begonnen mijn zussen, broertje en ik toen al te sparen voor onze toekomst.  

Wat was uw droom als kind?  

Ik wilde heel graag onderwijzeres worden. Dat was echt mijn droom. Ik vond het altijd superleuk om naar school te gaan en dingen te leren. Toentertijd heb ik dit met mijn moeder overlegd en ik kreeg toestemming van haar. Mijn ouders vonden eigenlijk alles prima, mits ik zelf de zaken regelde.  

Heeft u uw droom waar kunnen maken? 

De ‘Kweekschool’ (red. de opleiding voor docenten) was in Amersfoort. Ik heb een aantal keer naar de school gebeld voor meer informatie en uiteindelijk mocht ik op gesprek komen. Toen ik een jaar of vijftien was ben ik moederziel alleen met de trein van Groningen naar Amersfoort gegaan voor het kennismakingsgesprek. Ik moest mijn gegevens achterlaten en daarna heb ik nog een toelatingsexamen gemaakt. Na de toets ben ik naar huis gegaan en moest ik afwachten op de uitslag. De examencommissie heeft mijn gegevens nagetrokken en toen kwamen ze bij mijn oom terecht. Hij had een supermarktje en in die tijd liep de zaak niet goed. De mensen van de Kweekschool dachten dat ik zijn dochter was en hierdoor waren ze bang dat mijn familie de opleiding niet kon betalen. Ze hebben me toen maar laten zakken voor het examen. Mijn vader heeft later nog contact met de school gezocht, maar er was geen speld tussen te krijgen.  

Hoe voelde dit toen voor u? 

Ik was best wel verdrietig na de afwijzing voor de onderwijzeressenopleiding. Ik wist niet goed wat ik moest doen. Bij toeval kon ik aan het werk bij de textielzaak van mijn buren. In eerste instantie was dat baantje maar tijdelijk. Het was zo leuk en gezellig daar. Ik ben toen in die winkel blijven hangen.  

Hoe bent u in Denekamp terecht gekomen?  

Ik was twintig en ik had last van een darmziekte. Ik ben toen voor zes weken naar mijn nicht in Denekamp gegaan. Gewoon om er even uit te zijn. Langzamerhand kreeg ik een band met de buurjongen van mijn nicht Gerhard. We werden verliefd op elkaar, maar ik hield de boot toch een beetje af. Ik had geen zin een langeafstandsrelatie. Ik woonde immers in Uithuizen. Gerhard hield vol en we zochten elkaar weleens op met de trein. Uiteindelijk ben ik verhuisd voor Gerhard naar Denekamp.  

Was het leven in Denekamp alles waar u van droomde? 

Toen ik in Denekamp kwam, had ik niet een heel uitgestippeld plan. Mijn droom voor onderwijzeres had ik aan de kant gezet. Gerhard had voor mij een baantje geregeld bij Brantsma, een textielwinkel in het dorp. Ik woonde bij die familie intern en werkte in de winkel. Ik vond het werk altijd heel erg leuk en ik werd goed beloond. In 1964 trouwde ik met Gerhard en toen gingen we samenwonen. Gerhard was elektricien. Hij had de zaak van zijn vader overgenomen. Zijn zus heeft me alles kneepjes van het vak geleerd en zo begon ik met werken in de lampenzaak. Uiteindelijk ben ik goed terecht gekomen. We hebben drie kinderen gekregen en zijn gezegend met zeven leuke kleinkinderen.  

Hoe kijkt u nu, jaren later, terug naar het ‘mislukken’ van uw droom?  

Ik vond het op dat moment heel jammer en ik was ook echt verdrietig, maar ik heb er eigenlijk nooit een punt van gemaakt. Daar had ik ook geen keus in. Ik moest toch een manier vinden om geld te verdienen en om die reden ben ik verdergegaan.  

Wat is uw droom voor de komende jaren? 

Ik zou heel graag willen zien wat mijn kleinkinderen worden. Een van mijn kleindochters, Pam, wil toevallig ook onderwijzeres worden. Ze zit nog op de middelbare school en ze heeft er zoveel plezier aan. Ik hoop dat het haar lukt om haar droom waar te maken, want ik gun het haar van harte.  

Wat is uw tip voor de jeugd van nu?  

Als je echt iets graag wil, moet je ervoor gaan. Zoek iets waar je gelukkig van wordt en zet door.  

Dit artikel is geschreven door journalisten van PubliekPlein, een samenwerking tussen RTV Oost en studenten journalistiek. Zij publiceren verhalen en artikelen over dromen van inwoners van Noordoost-Twente. Wilt u uw verhaal doen, of wilt u meepraten over deze onderwerpen? Mail ons dan op infopubliekplein@gmail.com