Stage tijdens corona: veel belemmeringen of niet?

Op iedere opleiding krijgen studenten er mee te maken, stagelopen. De studenten kunnen alvast even snuffelen aan het toekomstige werkleven. Maar hedendaags gooit het coronavirus roet in het eten. Studenten voelen zich soms gehinderd, hebben het gevoel dat zij niet alles uit hun stage kunnen halen. Maar bij deze twee (contact)beroepen die tijdens de coronaperiode vól in de belangstelling staan, Demi die als verpleegkundige moet stagelopen en Marc die bij de opleiding zelfstandige kok ervaring moet opdoen, hoeven de maatregelen niet per se voor belemmering tijdens de stage. Hoe hebben Demi en Marc ervoor gezorgd dat corona geen struikelblok in hun stageperiode hoeft te zijn?

Demi Nijhof (22) zit momenteel in het vierde jaar van de opleiding HBO Verpleegkundige op het Saxion in Deventer. De zorg is natuurlijk in deze periode hét onderwerp van de dag bij vele gesprekken. Zorgverleners werken zich uit de naad, de ziekenhuizen lopen massaal vol en de IC’s staan ondertussen op springen; deze verhalen vliegen je om de oren. Demi maakte het dus van dichtbij. Demi staat dagelijks met kwetsbare mensen in contact, waardoor ze niet vaak buiten ‘haar eigen bubbel’ treed. Ze zit dus enthousiast met een heet kopje rooibosthee in haar hand haar ervaringen te delen.

“Toen corona voor het eerst in Nederland kwam, liep ik nog stage in het Deventer Ziekenhuis. In het begin dachten we nog, dat komt vast niet naar Nederland. Maar begin maart 2020, tijdens de eerste golf, moesten wij er ook aan geloven. Het ziekenhuis moest helemaal omgebouwd worden, met een speciale afdeling voor de coronapatiënten. Zelf moest ik eerst vier weken stoppen met stagelopen, waarna de stage met veel aanpassingen weer kon worden opgestart. Zo mochten stagiaires niet bij (vermoedelijke) coronapatiënten in de buurt komen. Ook mochten we niet meer hutjemutje op elkaar staan in de behandelkamers. Waar eerst wel eens de arts, assistent, co-assistent, verpleegkundige en stagiaire op één kamer een patiënt behandelden, kon dat nu niet meer door de anderhalve meter regel.” Maar aan sommige nieuwe regels hoefde Demi niet te wennen. “Iedereen zat tijdens de eerste golf te zeuren dat ze schrale en droge handen hadden van het vele handen wassen. Maar bij de opleiding verpleegkundige wordt vanaf dag één al op handen wassen gehamerd. Ik doe niet anders tijdens het stagelopen en was het daardoor al gewend”, lacht Demi.

“De hele dag maalde alle mogelijke scenario’s door mijn hoofd.”

Waar je in eerste instantie misschien denkt dat Demi er dagelijks mee te maken krijgt, hoefde ze nooit heel bang te zijn voor corona. “Ik werkte op een andere afdeling en alle vermoedelijke coronagevallen werden naar de corona-afdeling gestuurd. In mijn naaste omgeving zijn ook weinig coronagevallen geweest, zelfs onder de collega’s is dit maar sporadisch voorgekomen.” Maar Demi weet zich nog één incident te herinneren waarbij ze wel even haar hart heeft vastgehouden voor een eventuele coronabesmetting. “Een coronapatiënt met een psychose was ontsnapt van de afdeling en dwaalde in het ziekenhuis rond. Dan schrik je toch wel even, want was had je gedaan als die persoon jouw afdeling op was gekomen? Gelukkig kon de patiënt snel weer naar zijn afdeling worden gebracht zonder al te veel schade te kunnen aanrichten, maar de hele dag maalde alle mogelijke scenario’s van die dag nog door mijn hoofd.”

Ook Marc Leneman (22), die momenteel de opleiding zelfstandig werkend kok niveau drie op het Deltion College in Zwolle volgt, heeft een periode lang thuisgezeten. Via de telefoon vertelt hij zijn verhaal. “De restaurants moesten natuurlijk per direct dicht. Dus ik heb vanaf maart tot halverwege mei geen stage kunnen lopen”, zucht Marc. “Ook op school konden de praktijklessen niet doorgaan. Dus dat was een lange tijd niet snijden, niet koken, niet bakken of braden en niet in de keuken staan.” Maar Marc hoefde niet alleen maar op de bank te hangen en uit zijn neus te eten. “Het Deltion zette alle theorieopdrachten digitaal open, waardoor we op een bepaalde manier toch door konden werken. Dus als je jouw tijd nuttig hebt besteed, hoef je nu alleen nog praktijk af te ronden, haha”, grapt Marc.

Hoewel Demi, in tegenstelling tot Marc, wel snel weer terug kon naar haar stageplek, kan zij ook verschillende praktijkonderdelen niet op school afronden. “Gelukkig hadden wij de meeste praktijkonderdelen al achter de rug, maar er zijn ook lessen afgelast. Zo moeten we om het jaar een reanimatiecursus volgen, maar dat valt gewoon niet te organiseren. We kunnen met corona moeilijk met z’n allen mond-op-mond beademing geven aan dezelfde pop. Verder moeten wij op school vaak een casus uitspelen, een simulatie in bijvoorbeeld een nagebootste ruimte van een ziekenhuis. De patiënt die wij zogenaamd moeten behandelen is dan ook een pop, maar die pop kan praten, zweten en heeft allerlei menselijke kenmerken. Het is net alsof je een echt mens tegenover je hebt zitten. Je hebt in die ruimte waar de casus zich afspeelt net als in een verhoorkamer van een politiebureau een dubbelglas, waardoor de leraren kunnen meekijken. Door de coronamaatregelen is er te weinig ruimte om dit op school te doen. Er zijn te veel leerlingen en te weinig plek in het rooster. We mochten laatst overigens eindelijk een keer naar school voor een praktijkles. En wat denk je? Een grote sneeuwstorm door heel Nederland, code rood. Praktijkles gelijk afgelast. Het zit ons studenten ook allemaal tegen”, vertelt Demi met een knipoog.

Bij de opleiding verpleegkundige op het Saxion geef je een voorkeur voor een stageplaats op. Demi hoefde dus niet zelf naar een stage te zoeken, ook niet als er dit schooljaar door corona aanzienlijk minder stageplekken zijn. “Ik wilde graag stage lopen in de palliatieve zorg, want ik heb daar een minor over gevolgd. Maar meer dan de helft van de stagebedrijven in die branche hebben dit jaar afgezegd. Hoewel wij natuurlijk dagelijks te maken hebben met kwetsbare personen, zijn de mensen daar meestal nog fragieler, uitgeputter en beroerder. Nu loop ik stage bij Carinova thuiszorg in Deventer. Daar is het relatief rustig. Men is soms zó bang voor corona en wil daardoor niemand over de vloer, ook geen hulpverlening. ” Maar studievertraging loopt Demi niet op. “Zorg blijft bestaan, in welke gekke periode we ook zitten”, verzekert Demi. 

“We kunnen helemaal geen ijsjes meer maken.” 

De leerling-koks van het Deltion moeten zelf het hef in handen nemen om een stageplaats te zoeken. Marc loopt dit jaar stage in restaurant Chez Brochard in Harderwijk, waar hij via via terecht kwam. Net als Demi kan ook Marc niet meer overal in het vakgebied stagelopen. “Bij de opleiding zelfstandige kok is het super belangrijk dat je zo veel mogelijk verschillende kanten van het vak leert. Vandaar dat je officieel elk schooljaar eigenlijk bij een andere bedrijf stage moet lopen”, verklaart Marc. “Je moet namelijk zo veel mogelijk verschillende smaken proeven, aan diverse gerechten of kruiden ruiken en zo veel mogelijk kleurrijke creaties op het bord maken.”

Omdat de leerling-koks dit jaar een groot gedeelte praktijk hebben gemist, mogen ze een extra jaar bij een bedrijf blijven. Veel studenten maken hier gebruik van, maar Marc doet dat niet. “Enerzijds fijn om meer tijd te krijgen om de praktijkervaring in te halen. Je maakt namelijk kortere dagen. Gasten mogen het lekkere eten nu gelukkig afhalen, maar daarvoor is minder voorbereiding en tijd nodig dan als het restaurant echt open is. Anderzijds kun je minder takken van de horeca ontdekken”, geeft hij aan. “Het zorgt niet voor studievertraging, maar je kunt deze mooie, uiteenlopende studie helaas minder goed ontdekken. Een pannenkoekenrestaurant, een sushibar en een Italiaans restaurant verschillen bijvoorbeeld immens van elkaar. Elk restaurant vergt weer nieuwe capaciteiten, een verschillende werkhouding, heeft diverse collega’s en trekt andere gasten. Daarom wil je bij zo veel mogelijk verschillende bedrijven stagelopen, om te kijken welke branche het beste bij jou past. Zelf loop ik nu stage in een restaurant waarbij de gerechten zijn gebaseerd op de Franse keuken, enorm interessant. Hier zie ik mij later best werken.”

Op de vraag wat Marc nu echt niet meer voor de gasten kan klaarmaken? “IJs”, betuigt Marc volmondig. “We kunnen geen ijs als toetje meegeven, tegen de tijd dat de mensen thuis zijn is het al helemaal gesmolten en veranderd in een plakkerig, gekleurd plasje water.” Marc grapt: “We maken nu alleen nog maar puddinkjes, het wordt ondertussen bijna mijn specialiteit.”